WaterwegActueel
Editie Vlaardingen / Maassluis / Schiedam / Hoek van Holland

HARDNEKKIGE WINKELDIEF (36) VLAARDINGEN KRIJGT ISD-MAATREGEL VOOR 2 JAAR

VLAARDINGEN– De rechtbank in Rotterdam heeft besloten tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde maatregel aan Kevin van D. (36) uit Vlaardingen. De man, die op dit moment verblijft in de gevangenis aan de Portelabaan, wordt voor twee jaar geplaatst in een inrichting voor stelselmatige daders (ISD). In een andere zaak, aangeduid als zaak C, wordt Van D. verdacht van het bezit van dierenporno. De rechtbank spreekt hem hiervan vrij, omdat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is. Wel is de mobiele telefoon waarop het betreffende materiaal zou zijn aangetroffen – een Samsung-toestel – onttrokken aan het verkeer. Volgens de rechtbank is het bezit van die telefoon in strijd met de wet en het algemeen belang.

Van D. is schuldig bevonden aan meerdere winkeldiefstallen in Vlaardingen, gepleegd in december vorig jaar. De rechtbank acht bewezen dat de Vlaardinger tussen 5 en 30 december 2024 in totaal vier keer goederen heeft gestolen bij twee Albert Heijn-filialen in zijn woonplaats. De diefstallen vonden plaats op 5, 7, 18 en 30 december. Tot de buit behoorden onder meer vleeswaren zoals bavette, ribeye, zalmfilet, verpakkingen gourmet, Ariel Pods, flessen frisdrank, en zelfs een kerstboom. In twee van deze gevallen handelde hij samen met anderen.

Opvallend is dat Van D. zich ondanks een schriftelijk opgelegd winkelverbod, dat vanaf 14 april 2024 gold voor de duur van een jaar, toch twee keer toegang verschaft heeft tot de supermarkt in de Westwijk. Hiermee heeft hij niet alleen goederen weggenomen, maar zich ook meermalen onrechtmatig in een besloten lokaal bevonden, wat op zichzelf strafbaar is.

Uit het strafdossier blijkt dat Van D. een lang strafblad heeft. Op 20 maart 2025 stond hij geregistreerd met meerdere eerdere veroordelingen voor diefstal. Met name winkeldiefstallen komen structureel terug in zijn verleden. De feiten waarover de rechtbank op 28 april oordeelde, zijn bovendien gepleegd tijdens de proeftijd van een eerdere veroordeling, uitgesproken op 9 december 2024, waarbij hem een voorwaardelijke ISD-maatregel voor twee jaar werd opgelegd. De rechtbank neemt bij haar beslissing het advies van Reclassering Nederland mee. In het reclasseringsrapport van 11 april 2025 wordt een duidelijk beeld geschetst van de persoonlijke situatie van Van D. De verdachte is volgens de reclassering niet bereid tot gedragsverandering. Hoewel er in eerste instantie een kleine verbetering werd waargenomen, bleef echte begeleiding uit. Hij verschijnt niet op afspraken, stelt zich moeilijk aanspreekbaar op en houdt zich niet aan de voorwaarden van toezicht. Het toezicht is uiteindelijk in december 2024 en januari 2025 beëindigd wegens het uitblijven van medewerking. De reclassering schat het risico op herhaling nog altijd als hoog in. Mede vanwege dit negatieve advies en zijn lange geschiedenis van soortgelijke feiten, acht de rechtbank het noodzakelijk om de eerder voorwaardelijk opgelegde maatregel alsnog uit te voeren.

Hoewel het Openbaar Ministerie tijdens de zitting vroeg om een nieuwe ISD-maatregel op te leggen voor de gepleegde feiten, kiest de rechtbank voor een andere aanpak. In plaats van een nieuwe maatregel, wordt de al eerder opgelegde ISD-maatregel daadwerkelijk van kracht. De rechtbank vindt deze beslissing het meest in lijn met het systeem van de wet. Een nieuwe maatregel zou betekenen dat de proeftijd van de eerdere straf pas later zou ingaan, wat als onwenselijk wordt beschouwd. Omdat de opgelegde maatregel leidt tot 2 jaar vrijheidsbeneming, besluit de rechtbank om op basis van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht geen extra straf of maatregel op te leggen voor de huidige feiten.

Tijdens de zitting geeft Van D. aan dat hij zijn leven wil beteren en wil meewerken aan plaatsing in een ISD. Volgens zijn eigen verklaring hoopt hij binnen het traject de kans te krijgen om opnieuw te beginnen, zodat hij na afloop van de 2 jaar een ander pad kan inslaan. De rechtbank laat deze wens meewegen, maar geeft aan dat het huidige gedrag en de omstandigheden nog onvoldoende aanknopingspunten geven voor vertrouwen in vrijwillige gedragsverandering.

De maatregel is inmiddels van kracht, waardoor Van D. voor de komende 2 jaar verplicht zal deelnemen aan het ISD-traject. De rechtbank hoopt dat deze aanpak zal bijdragen aan het terugdringen van zijn strafbare gedrag in de toekomst.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *